Uit school kon ik er zo even langs gaan. Dan kreeg ik een kopje thee en praatten we wat. Ik noemde ze dan ook tante Schut. Ze had 4 dochters en haar man was timmerman. Die heb ik nooit gekend, of was hij al overleden? De twee oudste dochters waren al getrouwd, één woonde in Lochem en de andere Warnsveld. De derde dochter heette Hanny. Er was ook een meisje dat was Jaantje. Hanny was wat ouder dan ik.

Ze verzamelde wat kinderen en vroeg of ik meeging naar de Boggelaar, dat was een feest. Een prachtige rozentuin en om te spelen waren er schommels en ook een kettingbrug. Die hing soms wel eens in het water, dat vond ik eng. Een andere keer was het wel droog. Er waren ook lachspiegels en een vijver met goudvissen. Heel veel bloemen en planten en mooie lanen om het moois te bekijken. Misschien zijn er nog mensen die er nog meer van weten van de Boggelaar, dan hoor ik het wel.